Geschreven portretten

In de loop van de tijd heb ik diverse personen geïnterviewd en geportretteerd.

Hier nodig ik jou uit de geschreven portretten van al deze bijzondere mensen te lezen. Foto’s zijn gemaakt door fotograaf Jelle Wielinga.

Adri_Riemer_Milieudefensie

Adri en Riemer van Milieudefensie Arnhem

 

De Westtangent door Mariëndaal kwam er niet mede dankzij de inspanningen van Adri Slenter en Riemer Broekhuisen. Zij sprongen samen met andere Arnhemse groene groepen in de bres voor dit gebied via hun vrijwilligerswerk bij Milieudefensie Arnhem, internationaal bekend als Friends of the Earth. De weg leek nodig voor de Zuid-Noord verbinding in Arnhem.  Aanleg ervan vormt een bedreiging voor de natuur.
Zijn afstudeeropdracht voor de opleiding Bos en Natuurbeheer aan de Hogeschool Larenstein in Velp bracht Adri Slenter in 2005 bij Milieudefensie Arnhem. ‘Om sterker te staan in haar argumenten zocht Milieudefensie antwoord op vragen als; Wat zijn de effecten op natuur en cultuur? Onderzoek was nodig om te zorgen dat de Westtangent er niet moest komen.’ Adri bracht dit voor Milieudefensie in kaart en is er sindsdien niet meer weg te denken. Hij geeft voorlichting en werkt aan het project Nacht van de Nacht.  Dit jaarlijkse evenement in oktober geeft aandacht aan het belang van duisternis voor fauna en mens. ‘Er is veel lichtvervuiling, dit beïnvloedt het gedrag van dieren en hun verspreiding. Daar moeten wij voor opkomen.’

De autovrije zondag in 1973 stond Riemer vers in het geheugen. ‘Lekker spelen op de autosnelweg, dat herinner ik mij nog goed.’ Anno 2002 wil Riemer dit graag terugbrengen in de maatschappij, hij start bij Milieudefensie. ‘Destijds lukte het heel goed, veel straten in Arnhem deden mee. Mooi resultaat is dat de gemeente Arnhem dit initiatief heeft overgenomen.’ Riemer blijft zich inzetten voor de natuur, tegenwoordig komt hij op voor de bedreigde bijen. Bestrijdingsmiddelen (gewoon te koop in de winkel) zorgen voor massale bijensterfte. ‘Er gaat veel onherstelbaar mis en dat maakt mij wel uit.’

Het fijne van vrijwilligerswerk vindt Riemer dat je opleiding krijgt. ‘We staan op veel plekken om aandacht te vestigen op wat Milieudefensie Arnhem doet. Dankzij scholing stap ik makkelijker op mensen af.’ Adri is het helemaal met hem eens. Beiden blijven bij Milieudefensie Arnhem. ‘Je bent nooit zeker dat je klaar bent. Er is altijd de dreiging dat een plan weer uit de kast wordt gehaald.’ De natuur heeft geen stem en die stem willen beiden graag zijn.

 

Judith en Joke |Nationaal Centrum Paardrijden Gehandicapten

Joke en Judith van de paardenmanege

Joke Hellemond wilde boerin worden, maar haar man is geen boer. Op de manege komt ze enigszins aan haar trekken. Lekker buiten zijn en paarden verzorgen. Judith Tonnaer-Souverijn rijdt haar hele leven al paard. Dit mogelijk maken voor anderen wordt haar doel. Joke en Judith vrijwilligen op de manege in ’t Bio-bos. Hier biedt NCPG (Nationaal Centrum Paardrijden Gehandicapten) kinderen en volwassenen met een beperking paardrijles.

Joke roemt de sfeer op de manege. ‘Iedereen is hier gelijkwaardig, dat is zo bijzonder.’ Joke wilde iets actiefs doen toen haar jongste zoon naar de middelbare school ging. Het liefst iets buiten en met dieren. Mantelzorger was ze al voor haar moeder. ‘Op de manege voel ik me zo welkom. Het is heel dankbaar werk.’ Joke houdt van het bezig zijn met paarden. Naast de begeleiding van paardrijlessen verzorgt ze samen met haar man een paar keer per maand de paarden in het weekend. Dit vrijwilligerswerk biedt haar structuur. ‘Ook al heb ik een paar uur buiten gesjouwd, ik krijg er positieve energie van. De ruiters stralen als ze paardrijden.’

Judith wilde graag iets bijdragen aan de samenleving. ‘Ruim twee jaar geleden raakte ik werkeloos, een baan vinden lukte niet direct. Lekker buiten werken en paardrijervaring mogelijk maken voor anderen, dat leek me fijn.’ Net als Joke helpt Judith bij de paardrijlessen. ‘We zijn er primair voor ruiter en paard. We zorgen voor de veiligheid van de ruiter maar maken ook het paard klaar; op- en afzadelen, borstelen en hoeven uitkrabben.’ De lessen worden gegeven door een instructrice, vrijwilligers zijn er puur als ondersteuning. Judith vindt het fijn iets voor anderen te kunnen doen. ‘Iedereen wordt hier volwaardig behandeld ongeacht handicap, dat vind ik zo mooi’. Dankzij dit vrijwilligerswerk leerde Judith beter een sociaal praatje te maken. ‘Vroeger kon ik met de buurman niet over het weer praten. Nu kan ik dat wel en daar ben ik dankbaar voor.’

NCPG organiseert regelmatig vrijwilligersuitjes. ‘We krijgen veel waardering en worden altijd bedankt,’ vertelt Joke. Zonder vrijwilligers kan de doelgroep niet paardrijden. Voor Joke en Judith een goede reden om door te gaan. ‘Die blijheid en lach op de gezichten van de ruiters is hartverwarmend.’

Frank Jibben|Wijkvereniging De Penseelstreek|Roeivereniging Jason

Frank Jibben Jason

Frank Jibben Jason Roeivereniging


Als klein kind dartelde hij rond in de wijk de Hoogkamp. Na 25 jaar afwezigheid strijkt Frank Jibben weer neer op Arnhemse bodem, in dezelfde wijk waar hij opgroeide. Hij sluit zich aan bij Wijkvereniging De Penseelstreek om sociale contacten te leggen, maar vooral om de leefbaarheid in de wijk aan te pakken. Samen met het bestuur organiseert Frank er diverse activiteiten

Frank blikt tevreden terug op een aantal goed verlopen evenementen. ‘Er was de oldtimerdag in de zomer met aansluitend een feest in de wijk. Muziek, een springkussen plus een hapje en een drankje maakten het voor iedereen toegankelijk. Zowel jong als oud kwamen en daar geniet ik van.’ Op dit moment is het rustig. Toch naderen de feesten in de wijk alweer. ‘We organiseren onder andere een optocht met Sint Maarten en dan straks met kerst tuigen we de kerstboom op.’ Bij de kerstboom in de wijk worden samen liedjes gezongen. ‘Het maakt de leefbaarheid in de wijk beter, mensen zien en spreken elkaar en dat geeft een vertrouwd gevoel.’

Frank is, naast zijn activiteiten voor de wijkvereniging, ook actief als vrijwilliger bij Roeivereniging Jason. Hier roeit hij minimaal één keer per week. Frank werkt bij de Watersportbond en heeft iets met water. ‘Op het water ben je dicht bij de natuur en dat voelt fijn. Je hoort de vogels en ziet alles letterlijk vanuit een ander perspectief.’ Omdat organiseren bij hem past, wordt hij gevraagd voor de organisatie van een aantal activiteiten. ‘Er zit een begin en een eind aan, en dat is prettig. In 2011 brachten we tijdens de bevrijdingsfeesten het bevrijdingsvuur via het water van Arnhem naar Wageningen.’ Er was veel overleg met gemeenten en provincie en een hele club roeiers van Roeivereniging Jason deed mee. Een behoorlijk hoogtepunt dus, vindt Frank. ‘TV Gelderland was erbij en dat maakte het tot een heel bijzondere gebeurtenis.’

Zowel de wijkvereniging als de roeivereniging kunnen blijven rekenen op de inzet van Frank. Helpen bij de werkzaamheden binnen een vereniging levert Frank een gevoel van vertrouwen op. ‘Het geeft mij zekerheid en ik voel me er meer thuis.’

 

Dini Te Hennepe-Bosveld |Hospice Rozenheuvel

Creativiteit in Hospice

Ons hart krijgt vleugels luidt de titel van het boekje van Dini te Hennepe-Bosveld. Zij maakte dit naar aanleiding van haar creatieve werk bij Hospice Rozenheuvel in Rozendaal.

Dini begon acht jaar geleden. ‘In het hospice help ik de gasten met wassen, aankleden en eten. Medicijnen mag ik niet geven, dat doet de verpleegkundige.’ In een hospice verblijven mensen de laatste dagen of weken van hun leven en krijgen daarbij de nodige zorg. Dini vindt het speciaal zo dichtbij mensen te mogen komen in deze laatste fase van hun leven. ‘Ze vertrouwen jou.’ Na een tijdje startte ze met creatieve momenten voor de bewoners. Dankzij haar tekendocente opleiding merkte Dini hoe belangrijk creativiteit voor haar was. ‘Creatief bezig zijn maakt dat ik in evenwicht blijf. Ik leerde mijn gevoelens op het doek zetten’. Uiting geven aan emoties in de laatste fase van het leven, doet vaak zichtbaar goed. ‘Ik merk dat het hen helpt; creatief bezig zijn. Soms maken we een schilderij, een andere keer rijgen we kralen. Het is maar net waar iemand behoefte aan heeft. Ik volg hierbij volledig mijn intuïtie. Meestal wordt dit welkom ontvangen. Als we samen aan de slag gaan, is er die lach of glimlach. Dat is een groot geschenk.’

In haar leven werd Dini veel met de dood geconfronteerd. Haar moeder stierf toen ze 40 was, haar broertje toen zij nog ongeboren was en Dini’s zus stierf op haar 28e. ‘Ik wilde over de dood praten, maar dat wilde de rest niet. Daar praatte je niet over. Dat was moeilijk voor mij.’ Hier is ze dicht bij de stervende. ‘De dood is niet het einde van de mens merk ik, hier gebeuren zulke mooie dingen. Bij stervenden verplaatst de energie zich van hoofd naar hart. En dat merk je, mensen worden zachter. De sfeer is mooi, liefdevol en vredig.’ Dini ziet hier veel angst voor de dood en is nieuwsgierig naar die angst waarmee men worstelt. ‘Ik ga op zoek naar wat er achter de angst zit, probeer de mens te ontmoeten. Achter die angst vind ik liefde en die liefde probeer ik met liefde te beantwoorden.’

 

Jan Oomen|vrijwilliger SWOA|Levensboeklevensverhalen schrijver Jan Oomen

Jan Oomen is van plan zijn eigen levensverhaal op te schrijven. Om dichterbij dit plan te komen stapt hij in het project Levensboek van de SWOA, Stichting Welzijn Ouderen Arnhem. Hij is getipt door zijn dochter die hier werkt. ‘Ik ben altijd geïnteresseerd in de geschiedenis en het leek me leuk mensen te ontmoeten en vooral naar hún verhaal te luisteren.’

Samen met drie vrijwilligers volgt Jan een korte cursus levensverhalen in Den Haag. ‘Het concept werkt als volgt: er is een verteller en een schrijver. Als schrijver beschrijf je het verhaal van de verteller en luister je naar wat hij of zij te vertellen heeft. Is de verteller uitgepraat dan houdt het verhaal daar op.’

Door het levensverhaal van een ander te beschrijven krijgt Jan ervaring in hoe een verhaal te beginnen en welke thema’s te benutten. ‘In eerste instantie dacht ik dat het verhaal misschien per thema verteld kon worden, maar het is toch een chronologisch verhaal geworden. Soms vertelde Clazina Slothouber aan de hand van foto’s. Een andere keer naar aanleiding van punten uit de geschiedenis, zoals de oorlog.’ Jan bezocht Clazina wekelijks gedurende twee maanden. ‘85 procent van de verhalen zijn hele gewone verhalen uit het dagelijkse leven en daardoor extra waardevol.’

Het schrijven brengt Jan dichterbij zijn eigen levensverhaal én in contact met ander vertellers en collega-schrijvers, daar geniet hij van. De SWOA is te allen tijde vangnet voor zowel de schrijver als de verteller. Is er meer nodig dan alleen maar luisteren, dan schakelt SWOA andere hulp in. Heeft de schrijver hulp nodig? Ook dan kun je terugvallen op de SWOA voor ondersteuning en tips. Zo ontstond het initiatief voor het Schrijverscafé. ‘In het café kan men ervaring uitwisselen en informatie delen. Met collega-schrijver Frank geef ik onze verworven ervaring weer door aan de volgende lichting schrijvers.’

‘Het project past goed bij mij, het verhaal kent een begin en een eind. Op een gegeven moment is het klaar en dat vind ik plezierig.’ Wellicht komt er nog een levensverhaal van de hand van Jan. Groter echter is de kans dat Jan Oomen binnenkort aan zijn eigen levensverhaal begint!